Man, dit is lang geleden. 3 maand was het muisstil op deze blog -behalve dan wanneer Joke even kwam piepen-, en de oorzaak daarvan ligt in vanalles waar ik nu niet verder in wil gaan, omdat ik hier dan morgenochtend nog zou zitten.

De oorzaak van dít schrijven echter, is één van de meest heuglijke momenten van een student (als die student een goeie portie sarcasme met zich meedraagt, uiteraard). De blok.

Er is weer een tijd aangebroken van doorzitwonden, overmatig pepmiddelengebruik en eten-in-zakjes. Vreemd, hoe voorgaande dingen apart zo leuk zijn -doorzitwonden wijzen op te lang blijven zitten, één van mijn hobby’s, excessief pepmiddelengebruik pept je op, naar ‘t schijnt, en eten-in-zakjes is dé uitvinding voor keukenklunzen/luiaards als mezelf-, maar gecombineerd met elkaar en met een boek over god-weet-welk grenzeloos interessant onderwerp voor je neus heel wat minder aangenaam lijken.

Toch is de blok ook een periode om met rust gelaten te worden, en dat is fijn -maar denk nu niet dat ik op een doorsnee dag wél veel volk aan mijn deur staan heb. In al de verkregen rust en stilte kun je, uiteraard, stevig blokwerk verzetten, maar een mens heeft ook pauze nodig. En in die pauze doet een mens vanalles waar hij in het dagelijkse leven niet zou opkomen.

Zo bouwde ik onlangs een toren van (volle) Golden Power-blikjes (u weet wel, de Redbull uit den Aldi) van 1,5 (anderhalve!) meter hoog. Met succes. Tot één van de blikjes het nodig vond de orde te verstoren en naar beneden te tuimelen. Klets. Blikje spuit open, kamer plakt. Van in de ene hoek tot in de andere.

Ook lenen series zich buitengewoon fantastisch tot stof om je tijdens pauzes mee bezig te houden. Twin Peaks, The Wire en Rome, alle drie hebben ze een stukje van mijn hart gestolen (en nu blijft er maar weinig meer van over, haha..)

Verder breng ik iedere nachtelijke pauze door, wijl als een bezetene infantiele spelletjes te spelen op grootste-vijand-in-de-blok Facebook. Onbewust leg ik steevast romantische liedjes op in de trant van Tom Waits’ Waltzing Matilda of songs van de zeemzoetgebekte Bart Peeters -misschien moet ik de buitenwereld toch nog maar eens opzoeken.

Ook, en tot slot, om u verder niet te vervelen, heb ik de onhebbelijke hebbelijkheid om op ieder, eender welk tijdstip te tellen hoeveel pagina’s ik al geleerd heb, en hoeveel ik er nog te gaan heb.

De blok maakt je zot. En dwangneurotisch. En ook een beetje moe.