De ochtend schijnt op m’n stad. Haar burgers ontwaken, net als haar luidkeels tjirpende vogels. De vrieskou kleurt de voetpaden wit, net als het spinnenrag aan niet goed onderhouden huizen.

Het is opvallend druk in de stad, al kan ik de drukte niet vergelijken met die van andere dagen. Daarvoor sta ik niet vroeg genoeg op.

En nu ga ik slapen.