Bij deze kunnen alweer 86 personen -en de rest van ’s werelds zesdejaars- een diploma hoger ASO (of hoe heet zoiets) op hun cv vermelden. Zes jaar hebben 86 leerlingen daarvoor gezwoegd, en gisteren was het eindelijk zover: ze mochten eens hun ganse familie meebrengen om Leffes te gaan drinken op de proclamatie.

En als ze nog geluk hadden, kregen die leerlingen een prijs toegekend. Een kwestie van geluk is het niet echt, eerder een kwestie van intellect. Waardoor ondergetekende uiteraard niet in aanmerking kwam voor respectievelijk klas-, wiskunde-, humane wetenschappen-, Latijn-, economie-(iets wat ik nooit gehad heb), en nog iets-laureaat. Da’s voor de échte cracks, en ze hebben er verdorie hard genoeg voor gewerkt, denk ik.

Iets dubieuzer zijn dan weer de ’schoolprijzen’. Voor de inzet, heet dat dan. Op zo’n momenten worden de belangrijkste lessen geleerd. Bijvoorbeeld dat de domme krachten (waaronder ondergetekende) het werk wel zullen doen, de slimmeriken gaan wel met de pluimen lopen. Wat hen uiteraard gegund is, maar toch..

Noem me een slechte verliezer, en ik geef je gelijk. En het werk dat ik deed voor school, werd nóóit ofte nimmer voor één of andere prijs gedaan, ik deed het gewoon graag. Maar ‘erkenning’, zo heet zoiets, dat kan verdorie wel deugd doen. Denk ik.

Maar goed, ik zwijg erover. Nu is er toch niets meer aan te doen (klinkt bitter, maar veel kan het me niet meer schelen).

Ik denk dat ik maar weer m’n bedstee ga opzoeken. De klok geeft een veel te ontiegelijk vroeg uur aan (zie hier linksboven ergens), waardoor ik zelf niet snap waarom ik nu precies achter mijn pc zit.

Het is vakantie. En wat doet ondergetekende? Bengaalse films bekijken en Biljart spelen. Beiden op de pc, qua nerd-zijn kan dat wel tellen.

En beiden zijn dan nog niet overmatig geestig.

De Bengaalse film valt kort samen te vatten (maar naarmate je vordert in het lezen van dit/deze blogtoestand, is de samenvatting toch niet erg kort, excuses daarvoor): Het is een Bengaalse film. Veel meer kan ik er ook niet over zeggen, aangezien ik de verhaallijn niet echt vat. Bijna de helft van de film is al gepasseerd, en de enige actie in de eerste 40 minuten handelde over een weglopende man met een vis in zijn handen die werd doodgeschoten. Qua amusement kan dat wel tellen (voor de kijker, uiteraard, want de doodgeschoten man leek echt wel niet meer te leven).

De ondertiteling lijkt eveneens nergens naar. With English Subtitle, staat er op het dvd-doosje te lezen. English with hair on, moet dat dan wel zijn. De meest oubollige zinsconstructies, letterlijke vertalingen en zelfs ontbrekende woorden (en ik denk niet dat het de bedoeling is om elliptische zinnen te vormen) tergen het oog én het gebied van Wernicke (dat ding in je hersenen dat taal registreert, met dank aan de leerkracht Nederlands om ons dit mee te delen).

Het ergste van al is nog het misleidende palmares op de cover van het doosje. Ik citeer:

National Award: Best Dialogue
Nomination: London International Film Festival ‘94, Edinbrough (Scotland) International.
Film Festival ‘93, Brsbane (sic) International Film Festival ‘94

Zo komen we een paar dingen te weten. Bijvoorbeeld dat de dialogen in het Bengaalse landschap oer- en oersaai zijn, als een dialoog uit een film als deze winnen. Of dat Edinbrough in Schotland ligt. Of dat Brisbane eigenlijk Brsbane heet. Of dat filmfestivals toch grondig fout zitten, als ze zoiets nomineren.

Maar goed, ik kijk toch. Voor geïnteresseerden, de film heet Jesus ‘71, en de regisseur luistert naar de naam Nasir Uddin Yousuf. En, volgens de “achterflap” handelt het over verzetsstrijders. Misschien komt dat in het volgende uur van de film.

Biljarten, nog zoiets waar ondergetekende zich mee bezighoudt. Óp de computer, en ertégen. En alsof godganse dagen biljarten nog niet genoeg is, zit de menselijke speler zich dan nog eens kwaad te maken op de pc, omdat laatstgenoemde een domme zet of slag (of hoe heet zoiets in het biljartees? Een duw, een stek?) heeft begaan.

En als biljartbal op de taart (haha..) luistert ondergetekende dan nog eens een ganse dag naar hetzelfde liedje. Pink Floyd met Wish You Were Here. In- en intriest, maar o-zo mooi.

Slaapwel, Bengaalse film.
Slaapwel, Biljartspel (rijmt nog ook).
Slaapwel, Roger Waters.
Slaapwel, Lieve Lezer.

En morgenavond is er proclamatie, woooooooooooooooohooooooooooooooooo.
Excuses, liet me even gaan.

Naar school fietsen. Mondeling examen afleggen. Frieten gaan eten. Een café binnenstappen. Zeven uur later datzelfde café weer uitstappen, net niet strompelen. Naar een feestje gaan. Beslissen om de alcohol links te laten liggen. Cola drinken dus. Een tukje doen. Een delirium-naderend persoon naar huis helpen escorteren. Naar een ander feestje gaan. Tot de ontdekking komen dat het ander feestje helemaal niet leuk is, dus weer vertrekken. Huiswaarts. Bijna in slaap vallen op de fiets. Gelukkig zijn dat het al licht wordt, het fietslicht werkt namelijk niet. Fiets wegzetten, aan de achterdeur komen. Kijken hoe laat het is. Schrikken dat het al zo laat is. Sluipend je kamer bereiken. Slapen.

De dag van het laatste examen is toch zo spannend.

De prutser in mij komt vooral naar boven in periodes waar er al te veel nagedacht moet worden. Dan zijn pauzes heel erg welkom, en dan niet in het minst om te prutsen.

Onder dat prutsen valt vandaag: foto’s bewerken (of verklooien, zo u wil). Het gevolg van vijf minuten artistieke moed (of gewoon van 5 minuten vanalles veranderen) met Adobe Lightroom ziet u hieronder. Of de bewerkte versies beter zijn dan de originelen, laat ik volledig aan u.


origineel


bewerkt

bewerkt


origineel

Nog 10 examens. En dan zit het erop. Of toch voor dit schooljaar. Hopelijk, herexamens uit de weg gaand.

6 jaar college gaat behoorlijk snel, blijkbaar. Het lijkt gisteren (of misschien eergisteren) wanneer de collegedeuren opengingen voor mijn jaargenoten en mezelf (met een trimester vertraging). Wat waren we toen jong, denkt ongetwijfeld iedere zesdejaar bij het zien van klasfoto’s uit dat eerste jaar. Terwijl we slechts zes jaar ouder zijn dan op de foto. Nog steeds jong, dus.

En lélijk. Wat waren we toen lelijk (ondergetekende spreekt voor zichzelf, wees gerust). Nog niet verlost van die smerige ijzerwinkel op de tanden, haren die opmerkelijk korter waren dan heden, een bril op de neus, het zijn dingen die nogal vaak voorkomen (of kwámen, de huidige lelijkheidsfactor van het eerste jaar niet kennend) bij het begin van een nieuwe carrière: de collegecarrière.

Zo’n carrière verloopt onmiskenbaar met vallen en opstaan. Met leuke, beminnende leerkrachten, met leerkrachten die aftellen naar de dag dat ze verlost zijn van die verdomde leerlingen. Met leuke activiteiten, schoolfeesten of sportdagen, met saaie strafstudies. Die erg gul verdeeld worden.

Je kunt je carrière maken of kraken: ofwel zet je je in voor vanalles en nog wat, ofwel laat je onverschillig alles aan je voorbijgaan. Ofwel kies je ervoor de leerkracht mateloos te irriteren, of je houdt je zever voor jezelf. Je beslist (té) assertief te zijn, of je beslist over je heen te laten lopen. Of daartussen in te zitten, waarschijnlijk de beste decisie.

Volgend jaar stappen 86 leerlingen van mijn school -hopelijk- de wijde wereld in. Maar eerst genieten van een 3-maanden durende vakantie (uiteraard onder voorbehoud). Dan zou je toch wel een heel klein beetje beginnen aftellen..

Folkfestival Dranouter’s affiche is af (of toch bijna).

Met bijkomende namen als Tori Amos en Martha Wainwright (jawel, dochter van, zus van, én onlangs verwekker van een nieuw album) kan Dranouter bijna van start gaan.

Wie Tori Amos is? Een madam met een repertoire van hier tot in Tokio, zoveel is duidelijk. Maar dame Amos heeft dan ook al haar 25-jarige jubileum (hoe heet zoiets? brons? zilver?) achter de rug. Haar songs bezorgen een mens geen aha-erlebnis, maar ze zijn wel de moeite waard te beluisteren.

Wie Martha Wainwright is? Een vrouw uit een muzikale familie, dat is zeker. Loudon Wainwright III (zanger, maar ook te zien in de film The Aviator) en Kate McGarrigle (zangeres, maar de minst bekende van het nest) brengen 2 kinderen voort: Rufus en Martha. Rufus, homo, megalomaan (in Focus Knack ooit: “God en ik zouden beste maatjes zijn”, of zoiets) en popartiest, raakt bekend met hits als Cigarettes and Chocolate Milk (mensen uit mijn school kennen het lied vast en zeker, maar dan in een iets minder goed gecoverde versie:-)), of Instant Pleasure. Martha daarentegen kon nog niet opboksen tegen broerlief, maar zette wel een sterke prestatie neer in Set The Fire To The Third Bar, een hitje van Snow Patrol. Ook bracht ze onlangs een album uit, maar de titel ontgaat me even, en de zin ontbreekt me het op te zoeken.

2 kattige dames erbij dus, deze zomer op de Dranouterse weide.

En nú ga ik Latijn leren.
Morituri te salutant.

Covers brengen van een band, het is o-zo’n delicate zaak. Het mag geen afbreuk doen aan het origineel, het mag ook niet te weinig veranderd worden, niet te veel.

Sommige bands haten covers (zoals Dijf Sanders van The Violent Husbands in een interview voor uw favo muziekmagazine:”Ik heb een enorme hekel aan covers. Het is alsof je een reproductie van een schilderij zou hebben. Je mag dat natuurlijk mooi vinden, maar die reproductie is dan tenminste nog een exacte replica. Een cover krijgt meestal nog een twist van de sukkel die het uitbrengt”) , andere doen niets anders dan coveren. De een al wat beter dan de andere, zo blijkt.

Zelf heb ik een aantal covers die niet zouden mogen ontbreken op een ‘best cover’-cd. Niet dat deze covers zonder discussie de allerbeste ter wereld zijn, maar mijn muzikale kennis reikt niet veel verder dan hetgeen hieronder staat, moet ik toegeven. Niet toevallig klinken de meeste covers bekender in de oren dan de originele nummers. Lees, klik en luister.

1. Jeff Buckley - Hallelujah (Leonard Cohen (diens versie is dan weer een plaats in de prullenbak waard, vergeleken met Buckley’s hemelse covertje, als je ‘t mij vraagt)
2. Yevgueni - Zo Donker (cover van Bonny ‘Prince’ Billy - I See A Darkness, ook gecoverd door oa. Johnny Cash)
3. Milow - Mia (jawel, van Gorki, maar dan in tengels)
4. Lilly Allen - Naive (The Kooks)
5. The Lemonheads - Mrs. Robinson (Simon and Garfunkel)
6. Counting Crows - Big Yellow Taxi (Joni Mitchell)
7. Elvis Costello - She (Charles Aznavour)
8. Elvis Costello - Good Year For The Roses (George Jones) (Costello heeft wel meer covers, de sloeber)
9. Fred Durst - Behind Blue Eyes (The Who)
10. The Clash - I Fought The Law (Sonny Curtis)

not to be heard (maar toch zet ik de jouwtube-links erbij, dan kunt u mij ineens gelijk geven:-)):

1. Damien Rice - Creep (Radiohead)
2. All Saints - Under The Bridge (Red Hot Chili Peppers)
3. Nouvelle Vague - Love Will Tear Us Apart (Joy Division)
4. Gob - Paint It Black (Rolling Stones)
5. Stevie Wonder - Redemption Song (Bob Marley. Het jammen gaat ouwe Stevie niet erg goed af. Misschien daarom vind ik ook geen jouwtube-filmpje.)

Vrouwen, niks dan last mee, maar héél erg af en toe laten ze je ook nog eens lachen.

Blonde vrouwen zijn écht niet dom, zegt u?

Folkfestival Dranouter wordt verdorie een feestje. Sinds kort zijn er weer enkele artiesten toegevoegd aan de affiche, waarvan de meest bekende de volgende zijn:

Boudewijn de Groot: de sympathieke Nederlander, bekend van Welterusten, Mr. De President en Land Van Maas en Waal. Nog nooit live gezien, dus des te meer een must see, als je ‘t mij vraagt.

De Dolfijntjes XXL: Wim Opbrouck en -voornamelijk West-Vlaamse- co. Vorig jaar op Dranouter aan Zee en Crammerock (en andere dingen ook, waarschijnlijk), dit jaar weer tussen eigen volk in Dranouter. Platvloerse ambiance, ook dát moet kunnen, toch?

Arsenal: Belgische band die furore maakte met oa. Mr. Doorman. Op Dranouter gaan ze heel erg waarschijnlijk uitgebreid hun nieuwe album ‘Lotuk’ uit de doeken doen. Nog nooit live gezien, maar daar plan ik in het eerste weekend van augustus verandering in te brengen.

Gabriel Rios met Jef Neve en Kobe Proesmans: Gabriel Rios, maar dan wel retesaai gebracht. Nefast voor vermoeide mensen, ondervond ondergetekende vorige keer, bijna in slaap stuikend. Maar het drietal afrekenen op één concert zou laf zijn, dus misschien ziet u me wel nog eens in de tent.

Laïs: Reeds éénmaal gezien, maar toen waren de drie dames, bekend van oa. ‘t Smidje, met het verkeerde been uit bed gestapt. Hopelijk zijn ze ditmaal wat vriendelijker, en brengen ze hun ‘grote hits’ wél.

Ozark Henry: Nog nooit gezien, maar ‘t is een West-Vlaming. Vier jaar geleden een bijou van een album uitgebracht met ‘The Sailor, Not the Sea’, en ondertussen niet stil gezeten, dus dat zal wel in orde zijn.

Tim Vanhamel: Kleine jongen, bekend van Millionaire, onlangs solo-album ‘Welcome to the Blue House’ uitgebracht. Met zo’n namen op de affiche dreigt Dranouter plots de ‘Folk’ in z’n naam te schrappen. Maar dat zei men x aantal jaar geleden ook al, toen de halve familie Bettens op het podium stond met K’s Choice. Vanhamel al één keer gezien, maar ‘t was niet veel soeps. Toch ga ik wel nog een kijkje nemen.

Balthazar: Wederom West-Vlamingen op het podium. De laatste tijd wat airplay op de radio vergaard, en ze lijken almaar beter te worden. Checken die handel.

Axl Peleman: Of hoe Antwerpenaren ook niét verwaand kunnen zijn. Leuke en rustige muziek met een vettig Antwaarps accent, maar wel te smaken. Op Nekkanacht gezien, op Radio 1 al meermaals gehoord (”‘t Kiel is een kleurdoos”, iemand?). Den dezen wil ik dus ook wel nog ne keer gaan zien.

Buscemi ft. een hele resem namen: Vorig jaar ook op Dranouter, maar toen niet zo goed bevonden. Op Karma Hotel daarentegen een hele andere indruk gemaakt. Daarom gaan we maar nog eens kijken.

Artiesten die niet uit de lage landen komen, klinken me onbekender in de oren.

Toch denk ik dat er nog joekels van namen op de affiche verwacht mogen worden, aangezien de vrijdagavond nog geen afsluiter heeft.

To be continued..

Last.fm. Omdat die site mij zo gelukkig kan maken, bijwijlen. Na dagen van noeste arbeid, harde frustraties en verwensingen naar en van mijnentwege (en geloof me vrij, dat kunnen er verdorie veel zijn), luisteren naar de veelal o-zo rustgevende muziek op het leukste platform ter wereldwijdewebwereld, dat kan deugd doen.

Zoals vandaag. Leren, bekerfinale voetbal bekijken, nog wat leren, en dan nog wat leren. Of zoiets.

Dat leren, daar valt weinig over te zeggen, behalve dat het wel leuk was. Moet wel, die niederländische Sprache moet zowaar het geestigste van geheel mijn -bij benadering- twaalfdelig lessenpakket zijn. Samen met geschiedenis, al is vooral de leerstof interessant. Over andere variabelen te maken met het vak geschiedenis spreek ik me wijselijk niet uit.

Over die bekerfinale, daar valt een boek over te schrijven. Spelprestaties: dik in orde. Spelers: dikke -sorry voor het woord, maar een andere benaming vind ik niet meteen- janetten. Egotrippers, hoge testosteronwaarden en veel show, meer valt daar niet over te zeggen. Vooral dan van de Anderlechtse spelers.

Voetbal is echt zo’n mietjessport. En, ongeveer 12 jaar gevoetbald te hebben, denk ik dat te mogen verkondigen. Schwalbe, bij het minste krampje het Rode Kruis optrommelen, om dan uiteindelijk zelf van het veld te huppelen, het is menig voetballer niet vreemd. Vooral dan deze op hoger niveau.

Hassans, Boussoufa’s en ik-weet-niet-wie aller lande, richt uw ogen eens op, laat ons zeggen, de wielrenners. Die mannen vlammen een hele dag aan een moordend tempo over het asfalt, om er op een mooie dag eens tegenaan te smakken. Of, dat zal dan wel geen mooie, maar een regenachtige dag zijn, meestal. Maar, in plaats van moord en brand te roepen, staan die mannen doorgaans weer op en koersen verder. Dát zijn beren. Niet jullie, die om moeke roepen als er een grassprietje (of een tegenstander) bijt.

Maar kom, genoeg daarover, back to Last.fm. Rust, meer moet een mens niet hebben. Rust en muziek.

Next Page »